|

Zadelpasservice

Gedragsproblemen en rijtechnische problemen»
Een paard moet zich goed kunnen bewegen, nageeflijk, over de rug met goed gebruik van zijn achterhand. Een goed passend zadel is één van de voorwaarden om dit te kunnen bereiken.
Door een slecht passend zadel kan een paard last krijgen van zwellingen (vochtvorming op de plek van de drukking), drukplekken (witte haren), verhoogde spierspanning (spiertonus), atrofie (spierbeschadiging) en in het ergste geval zelfs van open wonden.
Maar voordat deze problemen zichtbaar worden, kunnen gedragsveranderingen voordoen of problemen tijdens het rijden naarvoren komen.
Misschien laat hij je met zijn gedrag al zien dat het zadel niet helemaal zit zoals het zou moeten zitten en kom je de volgende signalen tegen:
-
Oren in de nek tijdens het opzadelen
-
Bijten tijdens het opzadelen
-
Stampen/schrapen met voorbenen tijdens het opzadelen
-
Weg willen lopen tijdens het opzadelen
-
Bijten/narrig doen tijdens het aansingelen
-
Happen naar de benen van de ruiter tijdens het rijden
-
Niet stil willen staan met opstappen
-
Overgevoelig met poetsen
Tijdens het rijden kun je ook tegen problemen aanlopen, die veroorzaakt kunnen worden door een slecht passend zadel:
-
Bokken of Steigeren.
-
Moeite hebben met het nemen van stelling.
-
Concentratieproblemen.
-
Te hard lopen (weg "vluchten" voor de pijn).
-
Totaal verzet, achteruit gaan lopen.
-
Niet willen (kunnen.....) verzamelen.
-
Moeite met recht lopen.
-
Stijfheid.
-
Het paard loopt op de voorhand.
-
Het paard loopt met zijn hoofd omhoog.
-
Treedt met de achterbenen niet ver genoeg onder het lichaam.
-
Het paard loopt "houterig" met voorbenen
-
Het paard zwaait driftig met de staart, de staart beweegt niet in het ritme.
-
Het paard kan zeer gespannen en nerveus zijn.
-
Het paard geeft problemen met het opstijgen, loopt weg. (omdat hij weet
-
dat er ongemak/pijn gaat komen!)
Om te controleren of de oorzaak ligt in het niet correct passen van het zadel kunt u uw zadel laten checken door een erkend zadelpasser.

Zadelpasconsult»
Tijdens het zadelpasconsult wordt eerst uw paard en het eventuele huidige zadel gecheckt. We nemen in het consult mee:
een anamnese (ziektegeschiedenis en achtergrond van uw paard)
de beschrijving van uw paard (conformatie, afwijkingen, bijzonderheden etc.)
het opmeten van uw paard (maken templates, meten omvang)
het monsteren paard op de rechte lijn (bekijken bewegingen)
een globaal onderzoek van de rug
een onderzoek van het oude zadel
conclusies en aanbevelingen/oplossingen ten aanzien van de bestaande situatie en eventuele aanpassing van het huidige zadel
en daarna indien gewenst het uitzoeken van een nieuw zadel
het passen van het nieuwe zadel
het rijden met het nieuwe zadel
Belangrijk bij het aanpassen van een zadel»
Eerst is belangrijk om te weten welke vorm en wijdte boom het paard nodig heeft.
De boom is de basis van het zadel en wanneer de boom niet past, gaat het zadel nooit passen. In een notendop wordt op het volgende gelet bij het aanpassen van het zadel:
Het zadel wordt met de takken van de boom 3 vingers achter het schouderblad gelegd. Het schouderblad moet de gelegenheid hebben om bij het opheffen van het voorbeen naar achteren te kunnen bewegen. Dan moet er voldoende ruimte zijn onder de takken van de boom zodat geen drukplekken worden veroorzaakt. De siderails van de boom moeten de juiste hellingshoek hebben, de breedte tussen de siderails moet genoeg ruimte geven aan de wervelkolom
De kussens van het zadel moeten goed de lijn van de rug volgen en er mag geen ongelijke druk te voelen tussen het zadel en de rug van het paard.
De lengte van het zadel mag niet voorbij de laatste rib van het paard komen. Het zadel wordt gedragen door de ribbenkast en zodra het zadel voorbij de 18e thoracale (borst) wervel komt, komt het zadel in het kwetsbare lendengedeelte van het paard.
|